Managed hosting door True

Offline: Held der kantoorslaven

 

Dilbert is in wezen gewoon een stripfiguur, ontsproten aan het brein van de Amerikaanse tekenaar Scott Adams. In werkelijkheid is dit drie plaatjes tellende stripverhaaltje, dat dagelijks in meer dan 800 kranten wereldwijd verschijnt, veel meer. Vooral in de Verenigde Staten. Daar is de schepping van 'ex-deskjockey' Adams de stem van veel Amerikaanse kantoorslaven.

En dan met name van d�e ondergeschikten die hun werkzame bestaan slijten in de IT-industrie. Ingenieur Dilbert is de personificatie van hun lijden, hun confrontaties met 'In-duh-viduals' en de uitzichtloosheid van informatie- en communicatie-technologie. Zo werd deze goedbedoelende ingenieur een keer door omstandigheden gedwongen om zijn rapport over de voordelen van ICT voor te lezen door de telefoon. Omringd door incompatibele e-mail-systemen, kapotte faxmachines en uitgeputte kopieerapparaten roept Dilbert in het laatste plaatje wanhopig 'hallo?' in de hoorn van zijn toestel.
 
Toch gaat de aantrekkingskracht van deze getekende techneut verder dan de grenzen van automatiseringsland. Zijn belevenissen met zijn oerdomme manager, zijn ernstig gefrustreerde collega's en zijn pogingen dit alles te weerstaan, bieden herkenning aan werknemers in de hele kantoorwereld. De ruim driehonderd e-mails die Adams dagelijks ontvangt, tonen aan dat zijn strip de lezers raakt. Het merendeel van die elektronische communicatie bestaat uit meldingen van voorvallen die zorgwekkend veel lijken op de gebeurtenissen die Adams elke dag in drie plaatjes neerzet. De laatste jaren is de populariteit van Dilbert dan ook behoorlijk gegroeid. En Scott Adams schroomt er niet voor daar flink van te profiteren.
Het blijft dan ook niet bij verzamelalbums. De winkels liggen inmiddels vol met Dilbert-poppen, koffiemokken, stropdassen en geschenkboekjes. Elk van deze stukjes Dilbert-ware is eerst subtiel geïntroduceerd in de dagelijkse strip.
Is de schepper van dit fenomeen een nietsontziende, berekenende geldwolf? Nee, Adams wordt soms wel verkeerd begrepen. Zijn eerste boek - geschreven, niet getekend - Het Dilbert principe was oorspronkelijk bedoeld als aanklacht tegen en tegelijkertijd parodie op management. De centrale wijsheid van dit boekwerk is namelijk: 'Mensen met het minste talent worden gepromoveerd naar een functie waar ze het minste kwaad lijken te kunnen: management'. Helaas was het juist diezelfde groep mensen die in dit boek een verlicht teken zag; een leidraad naar 'beter beheer van menselijke bronnen'.

'Cubicle-land'

Inmiddels lijkt het tij niet meer te stuiten. In ons land wordt deze zwart-wit krantencartoon al enige jaren gevoerd door weekblad Intermediair. Onlangs besloten ook het Financiële Dagblad en de Financiële Telegraaf Dilbert te gaan publiceren. En uitgeverij Big Balloon, bekend van avonturenstrips als Storm, heeft al enkele albums vertaald in het Nederlands. Zal de sfeer en de wrange humor die Adams ten toon spreidt, hier net zo aanslaan als in de Verenigde Staten? Nederland heeft immers ook zijn kantoorreservaten en bedrijfsparken. In ons kleine landje zijn ook stukjes 'cubicle-land' te vinden. Kijk eens gewoon om je heen: vierkante werkhokjes met lage, voorgefabriceerde muren waarin elke bureauslaaf zijn eigen stukje vergetelheid heeft. Of, zoals Dilbert het uitdrukt: "Weer een hele dag zonder zintuiglijke stimulansen en hersenprikkelingen. En ik krijg er nog voor betaald ook".
Maar er zijn nog veel meer tekens die erop wijzen dat je omgeving wel eens in de Dilbert-strip kan opduiken. De urenlange vergaderingen over intenties voor voorlopige plannen die eventueel tot besluiten zouden kunnen leiden. Of de gapende kloof tussen marketing en technici die door geen enkele vorm van communicatie overbrugd kan worden. Denk aan de departementsmanager die niet begrijpt wat zijn afdeling doet, maar wel bepaalt binnen welke termijn 'het' af moet zijn.
Voor een goed begrip van de dreiging der 'In-duh-viduals', moet toch echt de strip gelezen worden. Adams' boeken, Het Dilbert principe en De Dilbert toekomst, geven weliswaar meer informatie, maar de ex-kantoorslaaf is op z'n scherpst in zijn drie dagelijkse plaatjes. Na enige weken van strip-consumptie zal het de lezer opvallen dat zijn omgeving verdacht vaak valt te vangen in 'Dilbertismes'. Afgrijzen of bitter vermaak kan het gevolg zijn.

De Dilbert Zone

De 40-jarige Scott Adams kijkt echter niet alleen kritisch naar managers en het bedrijfsleven. Ook zelfspot is hem niet vreemd. Op de website, getiteld 'De Dilbert Zone', (http://www.unitedmedia.com/dilbert/) meldt hij zelf: "Dit webproject is het meest zelf-verheerlijkende, egoïstische dat ik ooit heb gedaan". Eind vorig jaar is deze egotrip zelfs flink uitgebreid en opgepoetst. Eén van de voornaamste nieuwe attracties is de 'Mission Statement Generator', een klein programmaatje dat uit een lijst nietszeggende management-uitlatingen en marketingpraat geheel automatisch een bedrijfsdoelstelling formuleert. Deze web-functie levert niet zo maar een slogan op, nee, dit biedt een kant-en-klare, direct te gebruiken en vooral onbegrijpelijke zin voor elk zichzelf respecterend modern bedrijf.
De bron voor al deze bijtende humor en wrange relativering vindt zijn oorsprong in Adams' arbeidsverleden. Tot enkele jaren terug was deze Amerikaan zelf een ingenieur bij telecommunicatiefirma Pacific-Bell. Dilbert is dan ook een onderdeel van Adams' geestelijke landschap; de twee zijn eigenlijk één. Alleen is Adams erin geslaagd te ontsnappen aan de 'cubicle-politie', de controleurs van kantoorland. Nadat hij al enkele jaren van zijn leven had versleten als technicus bij een Isdn-project, begon hij zijn frustraties in stripvorm te vangen. Dilbert personifieerde hierin zijn ingenieurskant. Adams' donkere kant uitte zich in Dilberts super-intelligente hond Dogbert, die er op uit is de wereld te veroveren en daarbij geheel te ontdoen van de 'demonen der stupiditeit'.

Ze zijn overal

Ondertussen is een studie van de strip tegelijk een onderzoek van Adams' schizofreen-aandoende psyche; zijn minderwaardigheidscomplex vindt gestalte in kantoor-ongedierte Ratbert, zijn sadisme kristalliseert zich als de personeelsmanager Catbert, zijn wereldvreemdheid en egoïsme is collega-ingenieur Wally. De lijst lijkt onuitputtelijk en toch zijn deze figuren niet alleen ontsproten aan Adams' actieve fantasie en passieve arbeidsverleden. Deze wezens bestaan echt, ze zijn aanwezig in elke organisatie en beheersen het leven van ontelbare werknemers. Eén van de vele bewijzen is de herkenning die duizenden lezers dagelijks ervaren.
En hoe dit allemaal is begonnen? Lang, lang geleden toen de geestelijke vader van Dilbert nog maar elf jaar oud was, meldde hij zich aan bij een kunstopleiding. "Het zou een goede baan kunnen zijn voor als ik ouder ben", zo dacht de naïeve jongen. Een harde afwijzing was zijn deel; het zou artistiek gezien nooit wat worden met die Adams. Bovendien was hij nog veel te jong. Over het eerste oordeel valt nog steeds te twisten; de Dilbert-strip is uiterlijk geen toonbeeld van kunstzinnig talent. Inhoudelijk wordt dit echter meer dan goedgemaakt door de onderliggende vlijmscherpe analyse en kritiek op het bedrijfsleven.
 

Dit artikel is afkomstig van Computable.nl (https://www.computable.nl/artikel/1427753). © Jaarbeurs IT Media.

?


Lees meer over


Partnerinformatie
 
Vacatures

Stuur door

Stuur dit artikel door

Je naam ontbreekt
Je e-mailadres ontbreekt
De naam van de ontvanger ontbreekt
Het e-mailadres van de ontvanger ontbreekt

×
×