Managed hosting door True
Deze opinie is van een externe deskundige. De inhoud vertegenwoordigt dus niet noodzakelijk het redactionele gedachtegoed van de redactie.

Cloud drijft het hoger onderwijs bijeen

Over vijf jaar zit het hele hoger onderwijs in de cloud. Om deze overgang mogelijk te maken, gaan de instellingen intensiever samenwerken; zelfs wereldwijd.

Je zult maar bestuursvoorzitter zijn van een universiteit of hogeschool. Terwijl je klanten - de studenten - elkaar verdringen in de collegezalen, moet je het steeds zuiniger aan doen. Slimme ict kan helpen, maar is ook duur. Bovendien liggen er harde afspraken met het ministerie van Onderwijs om het percentage ondersteunend personeel te verlagen. Wat te doen?

Je eigen mensen geven het antwoord. Voor studenten en medewerkers zijn Dropbox en Gmail dagelijks gereedschap. Voor hen is de cloud, met zijn snel groeiend aanbod van handige en krachtige diensten, de eerste keus op ict-gebied.

Voor de universiteiten en hogescholen is hij dat nu ook. Al snel kozen ze voor een ‘cloud first’-strategie. Bij elke behoefte wordt eerst gekeken of de publieke cloud er een geschikte oplossing voor biedt: storage, software, telepresence - noem maar op.

Onze verwachting is dat deze benadering zo succesvol zal zijn, dat over een jaar of vijf heel het hoger onderwijs ‘in de cloud’ zit. Hieronder lees je waarop wij dat optimisme baseren.

Patriot Act

Het zal bepaald niet vanzelf gaan. Universiteiten en hogescholen hebben hun eigen behoeften. De cijferadministratie moet 100 procent afgeschermd zijn, en de persoonlijke gegevens van studenten en medewerkers mogen niet op straat komen te liggen. De verantwoordelijkheid voor hun privacy blijft altijd bij de instelling, zo stelde het College Bescherming Persoonsgegevens desgevraagd vast: zelfs contractuele afspraken met externe hostingbedrijven moeten daadwerkelijk gecontroleerd worden.

Ga daar maar aan staan, wanneer je als hogeschool te maken hebt met marktpartijen als Google of Microsoft - en met de Patriot Act. En dan hebben we het nog niet eens over de financiële kant van de onderhandelingen.

Gelukkig heeft het Nederlandse hoger onderwijs al een kwart eeuw de gewoonte om ict-problemen gezamenlijk aan te pakken. Elke vier jaar zetten de bestuurders van universiteiten en hogescholen een collectieve koers uit, die vervolgens vorm krijgt in pilotprojecten van één of meerdere instellingen. Wanneer die tot een goede toepassing zijn gekomen, kunnen de anderen die snel, en gratis, overnemen. Ook basisvoorzieningen zoals het landelijke netwerk en het afsluiten van bulkcontracten met leveranciers worden collectief geregeld.

Die samenwerking maakt het Nederlandse hoger onderwijs een veel sterkere onderhandelingspartner, ook voor cloudvendors. Onlangs werd bijvoorbeeld een aantrekkelijk contract met Google afgesloten namens elf instellingen, samen goed voor zo’n 250.000 medewerkers en studenten.

Schaalvoordelen

De samenwerking biedt de leveranciers ook voordelen, vooral dankzij SURFconext. Via deze federatieve dienst kunnen studenten en medewerkers met hun instellingswachtwoord inloggen bij alle aangesloten instellingen en bedrijven. Een cloudvendor hoeft zijn inlogprocedure dus maar één keer in te richten voor het hele Nederlandse hoger onderwijs. Datzelfde voordeel geldt omgekeerd uiteraard ook voor de universiteiten en hogescholen zelf.

Zo zijn er meer gezamenlijke standaarden in de maak. Allemaal leiden ze tot schaalvoordelen voor de instellingen en voor leveranciers. Tegelijk geven ze de garantie dat er zonodig snel overgestapt kan worden naar een andere vendor. Of naar een eigen clouddienst van het hoger onderwijs, indien een publieke dienst op onoverkomelijke bezwaren stuit.

De transitie naar de cloud is echter niet gemakkelijk. Vaak is het eigen aanbod van applicaties bij instellingen geoptimaliseerd voor de eigen infrastructuur. Het spreekt niet vanzelf dat je met een cloudoplossing meteen even voordelig uit bent.

Ook hier biedt samenwerking het antwoord. Enerzijds door in gezamenlijke onderhandelingen met cloudvendors tot een goede prijs te komen. Anderzijds door bij de transitie gebruik te maken van elkaars expertise en experts.

Cloudservicesbroker

De kern van ‘cloud first’ is permanente keuzevrijheid voor de gebruiker: die moet steeds de dienst kunnen kiezen die hij het meest geschikt vindt. Gezien het gestaag veranderende aanbod in de cloud is dat niet eenvoudig, zoals ook Gartner signaleert.

De oplossing komt in de vorm van een eigen cloudservicesbroker (CSB). Dat betekent, concreet gezegd, het inrichten van een portal voor het hoger onderwijs waar je met één klik een dienst kunt kiezen. Bij elke dienst staat overzichtelijke, vaak grafische informatie: bijvoorbeeld over de privacy, de veiligheid en de eventuele kosten voor de gebruiker en/of zijn instelling. Een student die een eindscriptie schrijft over filmgeschiedenis, zal dan wellicht voor opslag bij Amazon kiezen; een hoogleraar kernfysica hoogstwaarschijnlijk niet.

Rekencentra

Voor de rekencentra van de instellingen heeft dit uiteraard grote en blijvende gevolgen. Ze kunnen zich niet meer concentreren op het beheer van eigen systemen. Maar ze blijven nodig: hun nieuwe plaats is dicht op de eindgebruiker. De cloud geeft namelijk veel vrijheid, maar maakt het ook mogelijk om steeds te zien hoeveel gebruik er nu echt gemaakt wordt van een bepaalde dienst. In de contracten met vendors moet worden vastgelegd dat instellingen die informatie krijgen over hun eigen gebruikers - uiteraard geanonimiseerd. Als een bepaalde clouddienst snel populair blijkt te worden, kan de instelling er een gunstiger licentie voor afsluiten. Ook op die manier kan er beter gebruik worden gemaakt van de schaarse middelen.

Integrated ecosystem

Ondertussen dendert de digitalisering door. In drie jaar tijd zijn tablets normaal gereedschap geworden. Studenten op excursie in Florence slepen ook geen dikke boeken meer mee, maar gebruiken augmented reality op hun smartphones. En hogeschool INHolland doet vóór september 2015 zelfs alle papieren boeken de deur uit.

De opmars van de cloud in het hoger onderwijs gaat snel, sneller dan op veel plaatsen daarbuiten. Zoals vermeld, komt dat deels door de kwaliteit van het aanbod en de ‘eigenwijze’ doelgroepen, deels ook door bezuinigingen. Maar een cruciale factor is de goede samenwerking in het Nederlandse hoger onderwijs; een samenwerking die door de cloud alleen maar hechter wordt. Deze wisselwerking gaat zo snel dat wij gerust durven te stellen dat over vijf jaar het hele hoger onderwijs in de cloud zit. Studenten en medewerkers zullen hun werk organiseren binnen personal clouds. Er ontstaat, in Gartner-termen, een ‘integrated ecosystem’ voor het hoger onderwijs.

Wereldwijd

De jongste ontwikkeling is letterlijk grensoverschrijdend: er is nu overleg met de counterparts in de Verenigde Staten, Canada, Groot-Brittannië, Australië, Nieuw-Zeeland en andere landen. Doel is om voortaan gezamenlijke contracten af te sluiten met service-providers, namens het hele hoger onderwijs in de betrokken landen.

Daarbij kun je denken aan raamovereenkomsten over commerciële voorwaarden en standaardisatie, met in een appendix regionale bepalingen over zaken als privacy. Naar verwachting zetten de deelnemende organisaties in april of mei hun handtekening onder het plan.

Zo zie je hoe groot het effect van de cloud op het hoger onderwijs is: wereldwijde vendors roepen wereldwijde samenwerking op. Oude grenzen spelen geen rol meer. The sky is the limit.

Jan Bakker, managing director SURFmarket, en Cees Brouwer, vice-voorzitter College van Bestuur Open Universiteit Nederland.

Dit artikel is afkomstig van Computable.nl (https://www.computable.nl/artikel/4709103). © Jaarbeurs IT Media.
?

 

Reacties

Redactie,

Deze opinie heeft veel overeenkomsten met eerdere persberichten van SURFnet en dat weerhoudt me er eigenlijk van om te reageren. Maar gezien de kruideniersmentaliteit om voor een dubbeltje op de eerste rang te komen kan ik het toch niet laten. Want oude grenzen vervagen misschien wel maar oude instituten blijven nog onveranderlijk en internationaal doen we het op alle lagen van het onderwijs niet echt uitmuntend, we zijn volgens OECD cijfers maar een zesje. Qua kosten zitten we vreemd genoeg echter wel in de bovenste regionen waardoor er vragen te stellen zijn over het rendement van het onderwijs in het algemeen en het nut van computers hierbij in het bijzonder.

Op sommige scholen is computeronderwijs trouwens al weer op zijn retour omdat niet elke student de discipline heeft om te leren en dus vaak zijn/haar tijd zit te verdoen met allerlei leuke spelletjes in de cloud, INHolland zal dus straks wel weer de diploma's weg gaan geven. Verder klinkt een term als integrated ecosystem wel interessant maar als dat niets meer betekent dan een vendor-lock dan verlaagd dat ook niet echt de kosten. Dat 'cloud-first' doet me dan ook denken aan eerdere regeltje van 'open source first' waarna iedereen vrolijk koos voor dure oplossingen van leveranciers als Oracle, Microsoft en Apple. Dit alles al dan niet opgedrongen vanuit de lobby- en pressiegroepen die eufemistisch als samenwerking betiteld worden.

Dat de cloud - hier vooral gebruikt als term voor Internetdiensten - voor het onderwijs interessant is lijkt me niet echt een schokkende ontdekking, veel ontwikkelingen komen tenslotte vanuit allerlei universitaire initiatieven. Maar er zijn opmerkelijk weinig Nederlandse initiatieven doordat de markt hier zo gesloten is, zelfs opgelegde CITO is een monopolie en dan zal ik nog maar niet beginnen over de leerlingenvolgsystemen waar onnodig veel geld aan verprutst wordt met weinig toevoeging aan de kwaliteit van het onderwijs.

Dat er bij hogescholen en universiteiten thans gekozen wordt voor een ‘cloud first’-strategie geloof ik graag, gezien de in het artikel genoemde redenen, en juich ik van harte toe. Maar met enige verbazing las ik de zin “Gelukkig heeft het Nederlandse hoger onderwijs al een kwart eeuw de gewoonte om ict-problemen gezamenlijk aan te pakken.” Hier heb ik zo mijn twijfels bij, in ieder geval voor wat betreft de hogescholen in Noord-Oost Nederland. Althans wat betreft vergaande samenwerking in de IT om te komen tot het realiseren van grote kostenbesparingen en desondanks de continuïteit en serviceverlening toch op een hoger niveau te brengen.

Eind 2007 heb ik reeds bovengenoemde hogescholen aangeschreven om te komen tot een Rekencentrum Hoger Onderwijs Noord-Nederland. Ik heb dit toen als volgt beargumenteerd.

“ICT neem een steeds belangrijker plaats in in het HBO. Een hogeschool kan geen moment meer zonder. Een kleine storing wordt al als enorm hinderlijk ervaren en een grootte, die enkele dagen zou aanhouden, zou zowel het onderwijs als de bedrijfsvoering zeer nadelig kunnen beïnvloeden en grootte schade te weeg kunnen brengen. Zowel financieel als in naam.”

“Iedere hogeschool in Noord-Nederland heeft zijn eigen rekencentrum. Tot voor enkele jaren een vanzelfsprekend feit. De vele systemen en daarop aanwezige applicaties staan via het eigen (lokale) snelle netwerk zowel het onderwijs als de administratie ten dienste. Kenmerkend hierbij zijn onder andere de volgende aspecten. Om aan de sterk fluctuerende vraag te kunnen voldoen is er relatief veel overcapaciteit. Systemen en zelfs complete serverruimtes worden dubbel uitgevoerd om na een calamiteit, zoals een brand, toch te kunnen blijven functioneren. Daarnaast zien zowel medewerkers als studenten hoogwaardige ICT-voorzieningen als een normale nuts-voorziening. Iets wat er gewoon altijd is. 24x7 uur. En dat mogen ze ook verwachten. Door het toenemende aantal systemen neemt ook de personele belasting toe. En 24x7 uur beschikbaarheid vereist een personele bezetting die het mogelijk maakt oproepdiensten te draaien voor het verhelpen van storingen buiten kantooruren.”

“Bovenstaande betekent een steeds groottere financiële last die ten koste gaat van het primaire proces. Het verzorgen van hoogwaardig onderwijs.”

“Het zou daarom in het kader van zowel beheer, als beveiliging in al zijn aspecten, als continue beschikbaarheid beter zijn wanneer de hogescholen in Noord-Nederland de systemen die nu aanwezig zijn in hun huidige rekencentra zouden onderbrengen in één gezamenlijk rekencentrum. Hierdoor zou er ook een aanzienlijke besparing op zowel systemen als op personeel plaats kunnen vinden."

“Nederland beschikt thans over het snelste en meest verspreide glasvezel netwerk ter wereld, SurfNet. Alle hogescholen zijn hierop aangesloten. De verbinding met bovengenoemd rekencentrum kan dus geen belemmering zijn voor het op hoogwaardig niveau lokaal kunnen beschikken over applicaties en services, geboden door dit rekencentrum."

“Het Rekencentrum Hoger Onderwijs Noord-Nederland zou een enorme innovatieve impuls betekenen voor Noord-Nederland. Dit zou een positieve uitstraling hebben op het daar aanwezige bedrijfsleven en een extra stimulans voor de vestiging van hoogwaardige bedrijvigheid. Tevens zou het regionale basis-, en voortgezet onderwijs hier grootte voordelen van kunnen ondervinden."

Ik heb toendertijd ook de gemeente Steenwijkerland hiervan op de hoogte gebracht en daar enkele malen overleg mee gevoerd om een en ander te kunnen faciliteren.

Nooit een reactie van de hogescholen mogen ontvangen. Daarom heb ik ze zelf, begin 2008, benaderd. Ik kreeg toen als reactie dat ze mijn brief wel hadden gelezen, maar daar verder niet op in zouden gaan. De reden heb ik, ook bij navraag, niet kunnen achterhalen.

Toen in 2009 de financiering van het hoger onderwijs weer ter sprake kwam en verder onder druk kwam komen te staan, heb ik zowel SurfNet als de toenmalige staatssecretaris benaderd over dit voorstel. Van beiden kreeg ik te horen dat ze hier verder niets in konden betekenen, dat de hogescholen voor wat betreft dit onderwerp volledig autonoom zijn en dat een dergelijk initiatief toch echt van de hogescholen zelf zou moeten komen.

Maar wanneer ik lees “Voor de rekencentra van de instellingen heeft dit uiteraard grote en blijvende gevolgen. Ze kunnen zich niet meer concentreren op het beheer van eigen systemen. Maar ze blijven nodig: hun nieuwe plaats is dicht op de eindgebruiker.”, dan denk ik, wellicht is het nu wel de tijd om te komen tot Centrale Rekencentra. Want de beperkte functie die ze dan nog blijven vervullen is veel te duur om zelf in stand te houden.

@Ewout Dekkinga: Ook ik heb mij altijd hogelijk verbaast over de vele verschillende, al dan niet zelf ontwikkelde, leerlingvolgsystemen.

Tsja.. wat is hier nieuw aan? ik kan me dit artikel uit 2011 nog herinneren http://www.it-executive.nl/headlines/headline/hoger_onderwijs_kiest_wel_voor_cloud_first/ als ik nu lees waar we met het neusje van de zalm staan zie ik geen innovatie.. Leuk schoolboeken weg. Goed idee maar is dat de taak van SURF? of moeten ze dit gewoon begeleiden en de onderwijskundigen van de scholen en de uitgeverijen tot een werkende oplossing komen.. bundel daar je kracht en laat hun het ontwikkelen(en de innovatie kosten betalen!) Ik heb elke keer het gevoel "waarom wil SURF alles zelf doen.." zijn hier geen marktpartijen voor? of kan OC&W/DUO hier niet aan doen? In de UK levert de overheid gewoon een standaard platform met basis diensten. SURF moet zich juist op de verdieping leggen en niet door leveren van standaard diensten zonder (onderwijs)waarde toe te voegen. Hiermee drijven ze scholen op hoge kosten en bedrijven om niet langer in onderwijs te investeren. Je kan wel alles zelf doen maar wat levert het op? Mijn vader zij altijd "when you pay banana's you get monkey's" ontwikkeling van een goed werkend platform kost geld, veel verschillende disciplines/expertises en bedrijven die de marktstandaard momenteel bepalen. Overigens niet onbelangrijk een commercieel belang zodat het er snel en goed komt. Welke "succesvolle" diensten heeft Surf de laatste jaren opgeleverd waar heel het onderwijs iets aan heeft? Ik ken er maar 1 surfgroepen maar ja met lync, facetime of google kan je tegenwoordig voor 80% het zelfde.. was dat alle innovatie waard of was het slimmer geweest om dit in co-creatie met partijen te ontwikkelen.

Nederland wil in de TOP van de wereld kunnen meedraaien.. als we pas over 5 jaar op de cloud zitten, krijg ik daar een hard hoofd in. Cloud bestaat al sinds de jaren '90 met de komst van Hotmail. 5 jaar geleden maakte we kennis met de eerste iphone's.. zie nu waar we staan en wat er allemaal kan.

Mijn advies naar Surf? Adviseer niet uit je eigen beperking maar deel, maak keuzes, werk samen en ontwikkel!!

Fijne dag.

Lees meer over:
Vacatures

Stuur door

Stuur dit artikel door

Je naam ontbreekt
Je e-mailadres ontbreekt
De naam van de ontvanger ontbreekt
Het e-mailadres van de ontvanger ontbreekt

×
×