Managed hosting door True

Philips stelt mens centraal

 

Elektronici en informatici bij Philips proberen in het kader van 'ambient intelligence' apparatuur zoveel mogelijk te laten verdwijnen. Toch is er heel wat te zien en te horen op de open dag bij de elektronicareus.

'Design your own future' is er niet één uit de reeks 'ik ben oké, jij bent oké', of 'je bent wat je eet'. Het is de titel van de open dag van Philips op 27 maart in het Evoluon te Eindhoven. Het bedrijf presenteert zich voor de vijfde keer middels lezingen en demonstraties aan zo'n zevenhonderd belangstellenden, merendeels studenten elektrotechniek en informatica, en professionals met werkervaring in deze vakgebieden. Doel is de bezoekers een beeld te geven van Philips en van de mogelijkheden die het als werkgever biedt.

  
Door op het raam te wijzen verschijnt daar een virtuele Tai-bo-docent, die oefeningen voordoet. Elektronica in de kleding van de thuissporter zorgt ervoor dat haar bewegingen over die van de docent worden geprojecteerd; zo ziet zij precies of ze het goed doet.
Bij binnenkomst krijgen ze onder meer een grote lijst vacatures toegestopt, om vervolgens langs de stand 'recruitment' de aula te betreden waar diverse onderzoeksgroepen hun werk demonstreren en toelichten.

Eén 'brand'

Dat Philips geen kleine jongen is, maakt Emile Aarts, vice president en scientific program director van Philips Research in zijn lezing ten overvloede duidelijk. Het bedrijf kende vorig jaar een omzet van 31,8 miljard euro, maar scoorde wel een nettoverlies van 3,2 miljard euro. Grootste deel van de verkoop komt voor rekening van de consumentenelektronica (30 procent), maar de medische sector groeit de laatste jaren sterk, ook vanwege de vele acquisities, en is nu goed voor 22 procent van de omzet. Een lijstje toont trots de positie van Philips op de markt: eerste plaatsen zijn er voor verlichting, lcd-schermen en scheerapparaten, derde plaatsten voor consumentenelektronica en medische apparatuur. "Maar begrijp me goed", zegt Aarts, "we zijn geen verkoophuis, zoals Nokia, maar een technologiehuis."
In het verleden zou Philips te veel verdeeld zijn in verschillende sectoren. Dat is nu voorbij, zo stelt de directeur. "Er is nu een duidelijke focus, waarbij de mens in het centrum wordt gesteld. We hebben één cultuur en één 'brand'.

Silicium op alles

De mens dus in het middelpunt, en de techniek daaromheen. Dat komt naar voren in Philips 'ambient intelligence' programma. 'Ambient' verwijst naar digitale omgevingen in het huis, het kantoor of de auto. En 'intelligence' slaat op de microelektronica, die zich niet alleen bewust is van de aanwezigheid van mensen, maar die mensen ook echt (her)kent, op hen reageert, van hen leert en op den duur zelfs op hun wensen kan anticiperen.
Al zo'n vier jaar doet het bedrijf onderzoek in een soort Big Brother-huis; daarbij vergeleken is de televisie-equivalent een kleine jongen. Gedrag van mensen wordt nauwkeurig geregistreerd en geanalyseerd om de gegevens vervolgens te gebruiken bij het ontwerpen van allerhande apparatuur. In de kamers van het huis zijn geen computers toegestaan, wel in de gangen.
Philips heeft een toekomst voor ogen waar techniek overal geïntegreerd, maar niet zichtbaar aanwezig is. Denk daarbij niet aan een film als 'Minority Report', maar aan de film waarin Harry Potter een krant met bewegende beelden leest. Binnenkort realiteit, aldus Aarts.
Het huis-van-de-toekomst zit propvol elektronica, onzichtbaar weggewerkt in muren, plafonds, meubels en kleding, en onderling verbonden door supersnelle, breedbandige netwerken. Sensoren weten wie zich waar in huis bevindt en regelen de verlichting. Ze verstaan gesproken opdrachten of kunnen uit je stem, gebaren of gelaatsuitdrukking opmaken dat je boos, moe of vrolijk bent. Zodat ze dingen voor je kunnen regelen die je op prijs zult stellen: een rustgevend muziekje, een 3d-spelletje, rek- en strekoefeningen met een virtuele Tai-bo docent, een warm bad.
Van veel apparaten zal alleen de functie overblijven: geen grote tv-kast meer, maar ruiten en spiegels die als displays kunnen worden gebruikt. Geen stereo-installatie, maar een onzichtbare internet-jukebox; computers die worden gestuurd met de stem in plaats van met een toetsenbord of muis.
Onze huizen zullen interactieve bioscoopjes en concertzaaltjes worden. We kijken met vrienden voetbal op een tv-scherm in de muur; twee kameraden die niet aanwezig kunnen zijn, zien we naast het voetbalveld geprojecteerd op de muur. Zij kunnen met ons meejuichen en meevloeken. Virtuele en fysieke aanwezigheid worden meer en meer gecombineerd. Hoeveel doelpunten heeft Kluivert gescoord in de Champions League? Even tijdens de wedstrijd via internet opvragen. Is het beeld nog vóór ons, het geluid komt ons van alle kanten tegemoet. Ook bij de dvd-speler van de toekomst (de loepzuivere blauwe laser is weer vijf keer scherper dan het huidige systeem) speelt dit geluid, samen met lichteffecten een grote rol. De lamp zal een chip zijn die elke kleur licht kan verspreiden.
Het huis van de toekomst is volgens Aarts contextbewust: het weet wie er binnenkomt. Daarop reageert het door het licht aan de persoon aan te passen, en zijn favoriete (tv)programma in te schakelen (personalisatie). Het volgt je gedrag: als je veel van tennisprogramma's houdt, zal het die voor je opnemen (adaptatie). Mocht blijken dat het je vooral om Anna Kournikova te doen is, dan zoekt het ook andere programma's waarin zij te zien is (anticipatie). Uiteraard is de gewone telefoon vervangen door een beeld/geluidsverbinding, met scherm op de muur.
Dergelijke schermen zullen slechts enkele microns dik zijn, flexibel en ook te gebruiken als bijvoorbeeld etiketten die allerhande informatie kunnen geven. Denk aan een etiket op een pak melk dat naar verloop van tijd van groen naar rood verkleurt.
Overal kan het silicium worden opgeplakt, op glas, plastic, kleding (hiertoe lopen projecten met Nike en Levi's).

Nieuwe producten

Binnen het 'ambient intelligence'-project spelen internet en draadloze verbindingen uiteraard een grote rol. Een aantal producten is in dit kader al gelanceerd. De iPronto is het 'dashboard' van het huis van de toekomst, een super-afstandsbediening voor audio, video en voor de huisautomatisering (verlichting, beveiligingscamera's, huisnetwerken, temperatuurregeling, enzovoort. De Desxcape bestaat uit een platte monitor en een toetsenbord die los mee te nemen zijn, zodat je in het hele huis op je host-pc kunt werken via een draadloze wifi-verbinding. Een ander apparaat, een draadloze multimediaontvanger, verstuurt foto's, videofiles en muziek van de pc naar de tv respectievelijk de audioset. En met de Streamium, een internetradio, kun je naar muziek van mp3-kwaliteit luisteren.
In het 'ambient intelligence'-project zijn vijftig mensen bezig met het probleem van privacybescherming. Philips werkt aan open standaarden samen met Thomson, en ook met Mercedes: 'ambient intelligence' zal namelijk niet door de voordeur de toekomst betreden, maar via het autoportier. We zullen er onder meer Linux tegenkomen, niet Microsoft.
Philips is overigens niet de enige speler op dit terrein. In Europa besteden veel onderzoeksgroepen voor 3,7 miljard euro aan research naar 'ambient intelligence' in het kader van onderzoeksprogramma's van de Europese Unie.

 
Ruben Acohen

Dit artikel is afkomstig van Computable.nl (https://www.computable.nl/artikel/1388322). © Jaarbeurs IT Media.

?


Lees meer over


 
Vacatures

Stuur door

Stuur dit artikel door

Je naam ontbreekt
Je e-mailadres ontbreekt
De naam van de ontvanger ontbreekt
Het e-mailadres van de ontvanger ontbreekt

×
×