Managed hosting door True

Het grid als moeder van een trend

 

Ict als nutsmiddel is de nieuwste trend van de ict-industrie. In de loop van de afgelopen maanden kondigden steeds meer leveranciers plannen, producten en samenwerkingen aan om te komen tot utility computing. Het centrale idee daarachter is dat ict net zo alomtegenwoordig en vooral gebruiksvriendelijk moet zijn als bijvoorbeeld water en elektra. Kortom, de nutsmiddelen.

Uit de kraan
Het idee is wellicht zo oud als de weg naar Rome: ict die zo simpel te gebruiken is als gas en licht. Maar het is tot nu toe nooit van gekomen. Sinds enige tijd echter zijn een aantal ict-aanbieders serieus op jacht naar de Heilige Graal. In een aantal verhalen doen we verslag van de zoektocht van HP, IBM, Sun Microsystems, Microsoft en de anderen.
 
Alle afleveringen:
  1. Het grid als moeder van een trend
  2. Het netwerk vormt de computer
  3. Blauwe ICT op aanvraag
  4. Op weg naar een wereldwijd weefsel
  5. Meegaan in de stroming
In wezen is dit idee een afgeleide die het bedrijfsleven maakt van het concept grid computing, afkomstig uit de wetenschappelijke wereld. Dit omvat het koppelen van meerdere krachtige computers via snelle netwerkverbindingen om tot een overkoepelend systeem te komen dat dan nóg grotere problemen kan doorrekenen. Centraal hierbij is de mogelijkheid tot flexibel toevoegen van extra middelen, zoals het toewijzen van meer opslag of het inzetten van meer rekencapaciteit.
De eerste proef met grid computing vond al in 1995 plaats op de Supercomputing '95-conferentie. Daar zijn ruim zestig applicaties van wetenschappers en onderzoekers losgelaten op een voor die gelegenheid opgezet grid. Dit zogeheten I-Way experiment koppelde zeventien computerlocaties aan elkaar om een enkel virtueel systeem te vormen. Van de zestig ingediende applicaties is de helft succesvol gedraaid. Dit resultaat lijkt niet overtuigend succesvol, maar voor een eerste experiment - dat pas eind 1994 is bedacht en uitgewerkt - is het zeker hoopvol te noemen.
Overigens stamt het eerste onderzoek naar de mogelijkheden van grids uit het begin van de jaren negentig, aangezwengeld door onder meer het Amerikaanse ministerie van Energie en het daaronder vallende Argonnen National Laboratory. Enkele centrale concepten waar grids op zijn gebaseerd stammen echter uit de jaren zestig toen timesharing computersystemen, beschikbaar voor meerdere gebruikers, in zwang raakten. Die machines werden wel omschreven als computer-nutsmiddelen.

Open infrastructuur

Sinds de grotendeels geslaagde I-Way-proef op Supercomputing '95 heeft de wetenschappelijke sector flinke vorderingen geboekt en zijn er ook initiatieven opgezet om de basisinfrastructuur voor grids zo open mogelijk te verspreiden. Ook hier gaat de vergelijking met nutsmiddelen op: niemand concurreert meer met compleet verschillende systemen en maten waterleidingen, of afwijkende voltages.
Het Globus Project is het bekendste uitvloeisel van dit streven een algemene, vrijelijk bruikbare infrastructuur neer te leggen. Globus geniet steun van onder andere het Amerikaanse Darpa (Defence Advanced Research Agency), in de jaren zestig al de drijvende kracht achter het defensie- en universiteitennetwerk dat later zou uitgroeien tot het Internet. In 1997 bracht Globus de eerste versie van zijn software uit en gaf het een demonstratie waarbij tachtig computerlocaties werden verbonden. In 1998 vond de eerste bijeenkomst plaats van geïnteresseerden en betrokkenen. Tegen 2000 kreeg dit de naam Globus Grid Forum en was het een internationale gebruikersorganisatie geworden die standaarden overziet.

Commerciële aandacht

Tegen die tijd was het enthousiasme over de mogelijkheden van grids overgeslagen naar de wereld van de ict-leveranciers. Grids vertegenwoordigen namelijk niet een nieuw snufje of simpele uitbreiding van bestaande computertoepassingen, het is wat Amerikanen een 'paradigma-overgang' noemen. Grid- en utility computing gooien de huidige manier van computergebruik op de schop. De inkoop en toewijzing van computermiddelen kan hierdoor totaal anders verlopen. Let wel: kán; er zijn nog genoeg hindernissen op de weg naar het einddoel.
Diverse commerciële leveranciers van soft- en hardware bewandelen - ieder met een eigen plan en toch ook samen - de weg naar utility computing. Dit omvat uiteenlopende ict-bedrijven: van platformenleveranciers als Sun, HP, IBM en Microsoft via softwareproducenten als Oracle, Microsoft en IBM tot aan opslagfabrikanten als Brocade, McData en netwerkleveranciers als Cisco. En daarnaast zijn er natuurlijk nog de dienstverleners, waaronder HP, IBM, Unisys en anderen, die zich er nu al op verheugen de hieruit voortvloeiende grote integratieprojecten uit te voeren.
Deze ondernemingen zien en scheppen bedrijfsapplicaties voor grid-technologieën. Daarbij geven ze er veelal elk een eigen draai en naam aan. Wat Sun N1 heeft gedoopt, heet bij HP Utility Datacenter, vallend onder de Adaptive Enterprise-strategie, en bij IBM Utility Computing. Microsoft deed laatst ook een duit in het zakje en werkt aan een Dynamic Systems Initiative. Hiernaast zijn er nog vele andere termen en labels, zoals e-business on demand, autonomic computing en enterprise grids.

Belofte van vereenvoudiging

De gang naar ict als nutsmiddel is echter niet alleen gebaseerd op het vooruitzicht voor leveranciers meer producten en diensten af te kunnen zetten. Utility computing geniet ook belangstelling van gebruikers, waaronder met name de grote ondernemingen. Het belooft namelijk een oplossing voor de toenemende complexiteit - en daardoor stijgende kosten - van ict.
Ondanks de diverse verhalen over en mogelijkheden tot kostenbesparingen moet er toch voor ict betaald worden. Het gebruik van ict is nog veelal handwerk, waarbij niet alleen grote operaties als fysieke verhuizingen van kantoren of fusies van verschillende bedrijven (en dus ict-systemen) extra inspanningen vereisen. Ook dagelijkse of in ieder geval reguliere operaties zoals onderhoud, back-up en herstel, reparaties en opwaarderingen leunen op mankracht.
Door het ict-gebruik los te koppelen van de 'productie' ervan (van installatie tot aan onderhoud) moet het uiteindelijk net zo eenvoudig zijn computerkracht te gebruiken als het nu is om een glas water te tappen. De eindafnemer hoeft zich dan niet bewust te zijn van de achterliggende infrastructuur, van de werking van de kraan tot aan de watercentrale toe.< BR>

Dit artikel is afkomstig van Computable.nl (https://www.computable.nl/artikel/1342079). © Jaarbeurs IT Media.

?


Lees meer over


 
Vacatures

Stuur door

Stuur dit artikel door

Je naam ontbreekt
Je e-mailadres ontbreekt
De naam van de ontvanger ontbreekt
Het e-mailadres van de ontvanger ontbreekt

×
×